Het Anti-Goddelijk Trio

--        Satan       --
De Mens der zonde
De   Valse   Profeet


De Valse Profeet

XIV. HET ANDERE BEEST.

Openbaring 13

De bondgenoot van het eerste Beest. Openbaring 13, eerste helft, handelt over het Beest. In de tweede helft, vs. 11-16 wordt gesproken van een ander Beest. Dit is de trouwe bondgenoot van het eerste. Om hem te leren kennen, zetten we de bespreking van Openbaring 13 voort.

"En ik zag een ander Beest uit de aarde opkomen en het had twee hoornen, des Lams hoornen gelijk en het sprak als de Draak. En het oefent al de macht van het eerste Beest in tegenwoordigheid van hetzelve en het maakt dat de aarde en die daarin wonen, het eerste Beest aanbidden welks dodelijke wonde genezen was. En het doet grote tekenen, zodat het ook vuur uit de hemel doet afkomen voor de mensen en het verleidt degenen die op de aarde wonen door de tekenen die aan hetzelve te doen gegeven zijn in de tegenwoordigheid van het Beest, zeggende tot degenen die op de aarde wonen, dat zij voor het Beest, dat de wond van het zwaard had, een beeld zouden maken. En aan hetzelve werd macht gegeven om het beeld van het Beest een geest te geven, opdat het beeld van het Beest ook zou spreken en maken, dat allen die het beeld van het Beest niet zouden aanbidden, gedood zouden worden", vs. 11-16.

We vinden hier een ander Beest, het tweede. Het verkeert steeds bij het eerste Beest en is daarvan als 't ware de tweelingbroeder. Het is de uitvoerder van al zijn macht. Zelf heeft het ook macht zoals blijkt uit vs. 13. De werkzaamheid van dit Beest ligt allereerst op godsdienstig gebied. Het maakt, dat allen het eerste Beest gaan aanbidden. Dit heeft nog niet plaats als het eerste Beest optreedt als Mens der zonde; het geschiedt eerst dan, als het van de dodelijke wonde genezen is, dat is, als het weer uit de afgrond opgekomen is, als het van zevende achtste koning geworden is. Dit heeft plaats in de tweede helft van de 70ste jaarweek van DaniŽl 9, dus gedurende 3Ĺ jaar. Dan openbaart het Beest zich bijzonder als de Wetteloze en woedt tegen IsraŽls heiligen. Zeker mede omdat zij hem niet willen aanbidden.

Om tot aanbidding van het eerste Beest te nopen, doet het tweede Beest grote tekenen. Het doet zelfs vuur van de hemel afkomen op de aarde voor de mensen. Hiermede wil het zijn Goddelijke zending bewijzen. Velen zullen hierin geloven, zij zullen de bewijzen er voor voorhanden menen. Dat het door de macht van de Draak is, ontgaat hun. Zij worden er door verleidt en gaan het Beest en in hem de Draak aanbidden. Christus heeft die tijd voorzegd en er voor gewaarschuwd.

"Alsdan, (dan is in de tijd als de gruwel der verwoesting er is, zie vs. 15), zo iemand tot u lieden zal zeggen Zie hier is de Christus of daar, gelooft het niet. Want daar zullen valse christussen en valse profeten opstaan en zullen grote tekenen en wonderheden doen, alzo, dat zij, indien het mogelijk waren, ook de uitverkorenen zouden verleiden. Zie, ik heb het u voorzegd", Mt. 24:23-25.

Hieruit blijkt, dat het tweede Beest nog meerdere helpers zal hebben en velen in die tijd mee zullen doen aan de verleiding. Dit alles heeft dan plaats onder opperleiding van Satan, want Openbaring 12:9 zegt, dat hij de gehele wereld (de geordend bewoonde wereld) verleidt. 't Is nu te begrijpen, waarom het eerste Beest, de Mens der zonde, zich in de tempel Gods zet. Het is om Goddelijke eer en aanbidding te ontvangen.

Het beeld van het Beest. Het tweede Beest doet nog meer. Waar het eerste Beest nog steeds in de tempel Gods kan vertoeven om Goddelijke eer in ontvangst te nemen, waar het niet steeds kan klaar staan zich als God te vertonen, omdat het ook nog andere dingen te doen heeft, daar bedenkt het tweede Beest iets: men moet een beeld voor het eerste Beest maken. Mogelijk een uitbeelding van hem. Dan komt de Draak en geeft het tweede Beest de macht om aan dat beeld een geest te geven, waardoor het kan spreken. Die geest is mogelijk een of ander boze persoonlijkheid die in het beeld gaat zetelen en nu spreekt in de plaats van het Beest en onder inspiratie van het tweede Beest of van Draak zelf. Zo is het eerste Beest dus steeds vertegenwoordigd.

In die tijd zullen velen verleid worden. Een deel werd door de tekenen en wonderen verleid om het Beest in persoon te aanbidden. Eenmaal zover, worden ze verleid een beeld voor hem te maken. Dit wordt door een geest bezield en spreekt. Dit is een nieuwe attraktie en moet tot verleiding voeren. Het is een van de tekenen en wonderheden van Mt. 24. Schier allen worden meegetrokken.

Het gemaakte en sprekende beeld moet ergens een plaats hebben. Welnu, het zal in dezelfde tempel Gods zijn als waar de Mens der zonde zich van tijd tot tijd zal vertonen. Dat beeld is gruwel der verwoesting waarvan door de Here in Mt. 24:15 gesproken wordt: "Wanneer gij dan zult zien de gruwel der verwoesting, waarvan gesproken is door DaniŽl den Profeet, staande in de heilige plaats (die het leest, die merke daarop), dat alsdan die in Judea zijn vlieden op de bergen..", enz. Het beeld voor het Beest heet de gruwel der verwoesting. Hiervan is, zegt de Heer Jezus, reeds door DaniŽl gesproken.

Als we DaniŽl naslaan, blijkt er sprake van te zijn in hfdst. 9:27b. De Leidse vertaling zet hier: "en in de plaats daarvan (nl. van het slacht- en spijsoffer van vs. 27a) komt een ontzettende gruwel". Van der Palm zet: "En op de tinne (des tempels) zal de verwoestende gruwel staan". De Companion Bible: "en in plaats er van (nl. van het offer) zal de gruwel der verwoesting zijn".

Deze gruwel der verwoesting, het beeld van het Beest, wordt gesteld in de tempel Gods, staat, volgens Mt. 24:15, in de heilige plaats. Volgens Mk. 13:14 is dat waar het niet behoort. Terecht. En dat beeld nu wordt aangebeden. Wie het niet doet, wordt gedood.

Merkteken, naam, getal. De macht van het tweede Beest reikt nog verder. Het heeft niet alleen macht om hen te doden die het beeld niet aanbidden, het maakt ook, dat iedereen kleur moet bekennen. Immers anders konden zij die veraf woonden en niet in aanraking kwamen met het Beest of zijn beeld en dat niet wilden aanbidden verborgen blijven. Het tweede Beest weet allen te treffen.

"En het maakt dat het aan allen, kleinen en groten en rijken en armen en vrijen en dienstknechten, een merkteken geeft aan hun rechterhand of aan hun voorhoofden en dat niemand mag kopen of verkopen dan die het merkteken heeft of den naam van het Beest of het getal zijns naams. Hierin is de wijsheid: die het verstand heeft berekene het getal van het Beest, want het is het getal eens mensen en zijn getal is zes honderd zes en zestig". Openbaring 13:16-18.

Hiermee worden allen maatschappelijk geboycot die met de Beest eredienst niet van doen willen hebben. Niemand kan kopen of verkopen. Iedereen die een van de kentekenen niet heeft, moet zo doende ondergaan. Zij die voor Beest of beeld gebracht ze niet aanbidden, worden gedood; zij die er niet mee in aanraking komen, veraf wonenden, eenvoudigen en stillen in den lande, enz.; worden op andere wijs getroffen: ze moeten verhongeren. Wie het merkteken of de naam of het getal niet heeft, wordt buiten het maatschappelijke leven gesloten. Hiervoor is geen uitzondering. Allen vallen daar onder. Hiermee begint de grote verdrukking.

Er wordt drieŽrlei kenteken gegeven: een merkteken, een naam, een getal. Dit zijn bijzondere "stempels", ter kentekening. Ze worden aangebracht op voorhoofd of rechterhand. De een begeert dit, de ander dat kenteken. Het eenvoudigste is mogelijk het merkteken. Wat anders is de naam van het Beest. Weer wat anders is het getal van zijn naam. Het merkteken zal een zeker symbool kunnen zijn van Satan of van het Beest, een teken, waarmee hij iets uitdrukt. Zijn naam is zijn in stempel neergelegde handtekening. Het getal van zijn naam is een zekere cijferwaarde door zijn naamletters vertegenwoordigd.

Over de naam en het getal van de naam is verschillend gedacht. Een zekere groep van belijders meent daarmee het Pausdom te zien aangeduid. De Paus zegt, dat hij de plaatsvanger van de Zoon Gods is, zeggen zij.

Dit is in het Latijn Vicarius Filii Dei. Als men daarvan de letters V, I, C, I, U, I, L, I, I, D, I neemt en als Romeinse cijfers beschouwt, komt men tot 5 + 1 + 100 + 1 + 5 + 1 + 50 + 1 + 1 + 500 + 1 = 666.

Dit schijnt te kloppen. De fout hierbij is echter dat men dit getal vormt met Latijnse woorden en letters overslaat b.v. a, r, s, f. Zo krijgt men een scheef geknutsel om een systeem op te houden. We moeten met het Grieks of het Hebreeuws rekenen. Hierin heeft elke letter een getalwaarde. Het getal 666 zal de getalwaarde vormen van de naam van het Beest. Dat zal zeer waarschijnlijk of ook een Griekse naam dragen; in die taal kan de getalwaarde van elke letter opgegeven worden; geen enkele letter zal dan overgeslagen behoeven te worden. De Schrift zegt verder dat het een naam zal zijn, geen titel dus. De naam van het beest zal de getalwaarde 666 hebben. D.w.z. vertegenwoordigende de waarden van alle letters. Opgeteld zullen ze tot som 666 geven.

Het merkteken, de naam of het getal worden nu nog nergens gegeven om de eenvoudige reden, dat het Beest, de Mens der zonde, nog moet verschijnen. Die zal een naam dragen of aannemen, waarvan de waarde van de letters tot som heeft het getal 666. Dat getal zal eenmaal echter wel te berekenen zijn "want", zegt vs.-8, "het is het getal eens mensen". Het Beest is een mens, de Mens der zonde en zijn naam zal een menselijke naam zijn, dat is: liggen in de menselijke sfeer. Hij komt niet tot de naam van een of ander hoger wezen, hij blijft op het menselijk gebied. Mede hieruit blijkt, dat hij geen god is. Al kunnen wij dus nu de berekening niet maken, ze is eenmaal wel uit te voeren. Wij kunnen het nog niet, omdat de naam ontbreekt. God heeft die opzettelijk niet willen geven om hem niet openlijk aan te duiden. Zij die Zijn Woord geloven, zullen eenmaal de proef op de som kunnen maken en kunnen controleren wie het is.





Home
| Over LW | Site Map | LW Publicaties | Zoeken
Ontwikkeld door © Levend Water Alle rechten voorbehouden